Het is leven in een wereld die ik niet begrijp.

Kinderen die kampen met een stoornis binnen het autistisch spectrum tonen vier of meer van de volgende symptomen:

  • het onvermogen tot het aangaan en/of het ontwikkelen van normale sociale relaties
  • een verstoorde ontwikkeling van het vermogen tot communiceren
  • een stoornis in de verbale en non-verbale communicatie
  • een opvallend beperkt repertoire van activiteiten en interesses
  • een gebrekkig voorstellingsvermogen
  • passiviteit
  • het niet of het heel weinig aankijken
  • het bewegen van het hoofd en/of de handen; Dit bewegen kan gezien worden als een poging om bepaalde systemen in het lichaam te stimuleren
  • nekstijfheid
  • gevoelig voor harde/onverwachte geluiden
  • niet aangeraakt willen worden
  • eenzijdig voedingspatroon

Autisme is een stoornis die zich niet altijd op dezelfde manier uit.  Er is wel altijd sprake van een waarnemingsstoornis: Een verstoring in de prikkelverwerking; problemen met de sensorische verwerking van prikkels bij het horen, het zien, het voelen, het ruiken en het proeven. Het valt te begrijpen, als je zoveel moeite hebt met het ontdekken van de samenhang in de wereld, het logisch is dat je problemen hebt met menselijke relaties, communicatie en handelen.

De diagnose autisme wordt vaker gesteld. Als we vergelijken met de situatie van de jaren vijftig, zestig en zeventig, kan gesproken worden van een toename van kinderen met autisme. Volgens een artikel in het American Journal of Psychiatry heeft 1 op de 38 kinderen autisme. Wat is hiervan de oorzaak? Neemt de kwaliteit van onze genen af of veranderen onze genen onder invloed van het milieu?

Er zijn drie theorieën over de manier van denken, die voor een groot deel het gedrag verklaren, die kinderen met autisme laten zien:

Andere woorden: De omgeving zien als een geheel en alles wat zich daarin afspeelt, inclusief personen en communicatie en het vermogen hebben om hieraan de juiste betekenis te geven (Baren & Cohen, 1997).

Flexibel zijn: Het kunnen inschatten welke taken er na elkaar komen en hoe ze uit te voeren (Ozonoff, 1995).

Innerlijk: Het kunnen herkennen van het innerlijk van jezelf, het kunnen verwoorden en er naar handelen (Frith, 1996).

De kinderen met, al of niet de diagnose, autisme zijn:

  • vaak gevoelig voor bepaalde voeding; het niet kunnen verteren van bepaalde voeding;
  • maag- en darmproblematiek
  • inherent hieraan afwijkende ontlasting
  • ontstekingsgevoelig
  • overgevoelig maar ook ondergevoelig
  • hyperselectief
  • zeer eenzijdig eetpatroon (broodje met pastachocolade)

Allereerst ga ik op zoek naar de lichamelijke oorzaak van het probleem. We laten de sticker “autisme” los, want de diagnose zegt niets over het probleem, en kijken naar voeding, achterstand in de neurologische ontwikkeling, achterstand in de communicatie c.q. ontwikkeling van de taalgebieden in het brein.

We kijken naar hoe de prikkels uit de buitenwereld bij het kind binnenkomen en worden verwerkt. We letten op prikkeling maar ook op inhibitie, het kunnen remmen van prikkels die binnenkomen.

Ik kijk niet alleen naar de problemen die ontstaan zijn door de stoornis bij het kind, maar ook naar zijn kwaliteiten en hoe deze gestimuleerd kunnen worden. Ik maak contact met mensen met autisme omdat ik ze begrijp en dat wordt gevoeld.

Daarnaast werk ik met osteopatische technieken. Het losmaken van het lichaam en daarna werken met oefeningen om de hersengebieden die in ontwikkeling zijn achtergebleven, te stimuleren en de gebieden die zijn overprikkeld, te inhiberen.

Aansluitend kan gewerkt worden met de technieken van Professor Feuerstein met als doel de wereld om ons heen beter te kunnen begrijpen. Meer informatie hierover op www.bureau-prilabori.nl

meltdown-1312488_960_720